Is religie eng?

Ruim tien jaar geleden brachten De Vliegende Panters een nummer uit waarin ze de draak staken met ‘islamofobie’. Begeleid door trompetgeschal en een fanfare zongen ze “We worden bedreigd, door de moslims, ja wij zijn bang voor de islam”. Dit ludieke nummer is vandaag de dag nog steeds zeer actueel: mensen zijn nog steeds bang –en steeds banger– voor religie, voor de islam. Is het wel logisch om bang te zijn voor een religie? Met alle aanslagen van de afgelopen jaren lijkt dat wel zo, maar is het de religie die we vrezen of zijn het simpelweg mensen die geweld plegen? Welke rol speelt religie in dit geweld?

Bron afbeelding: www.tzum.info

Arjen Lubach presenteerde op 26 maart in zijn show Zondag Met Lubach “De Heilige Boekenlegger” ter bestrijding van het internationale terrorisme. Want, zo claimde Lubach, als mensen hun heilige boek lezen en er door geïnspireerd raken om te handelen dan zou dit een goede beslisboom zijn. Hoewel het idee van de Heilige Boekenlegger uiteraard ludiek bedoeld is, laat het wel zien hoe er over de rol van religie ten opzichte van geweld en terreur wordt gedacht.

De verhouding tussen religie en geweld is echter niet zo simpel als De Heilige Boekenlegger doet lijken. De keuze die iemand maakt om geweld of een aanslag te plegen kent meer factoren dan pure inspiratie uit een boek. Dr. Luciën van Liere vertelde in zijn lezing van 28 februari dat religie voornamelijk een sociale rol heeft. Het is een onderdeel van de samenleving waarin mensen leven. Bij geweldpleging en aanslagen is religie niet het uitgangspunt om te handelen, maar is religie het bindmiddel van een sociale kring. Maar als religie niet de reden voor geweld is, wat dan wel?

Bron afbeelding:
www.sientias.nl

Één van de motivaties om over te gaan tot geweld, is volgens Van Liere dat de dader zich herkent in slachtoffers uit zijn gemeenschap. Geweld is dan een vorm van wraak voor gevallen slachtoffers uit de sociale groep van de dader. Vooral vrouwelijke en kinder-slachtoffers roepen veel emotie op. Van Liere legt uit dat bijvoorbeeld Osama bin Laden (New York 2001) en Imam Samudra (Bali 2002) hun terroristische daad rechtvaardigen als wraak omwille van vrouwen en kinderen die gedood zijn door westerse troepen. Maar als religie niet de motivatie voor geweld is, moeten we dan nog bang zijn voor religie?

Nee, religie is niet eng. Religie op zichzelf roept niet op tot geweld. Mensen roepen op tot geweld en halen hun inspiratiebron uit allerlei factoren. De rol van religie is dat het mensen verbindt, zoals het –veel vaker dan op slechte manieren– ook op goede manieren doet. Zo zijn er veel religieuze stichtingen

Bron afbeelding: www.kuleuven.be

die zich inzetten voor mensen die het minder hebben of die het niet alleen kunnen. Kerken, moskeeën, synagogen, tempels en andere gebedshuizen zijn ruimten waar mensen steun ervaren en waar bewust in groepsverband wordt gebeden, gezongen en gesproken. Zoals Van Liere aangeeft moet er bij geweldpleging worden gekeken naar de dader/daders in hun sociale omgeving, waarbij religie een rol speelt, maar niet de hoofdrol.

Deze blog is gebaseerd op een artikel en lezing van Luciën van Liere. Voor het artikel klik hier.

Voor informatie over De Heilig Boekenlegger van Arjan Lubach klik hier.

 

Wat als je je leerlingen niet meer begrijpt?

Uit onderzoek van Duo Onderwijsonderzoek is gebleken dat 1 op de 9 docenten in het voortgezet onderwijs “gevoelige onderwerpen” vermijdt. Het gaat dan om onderwerpen als terrorisme, homoseksualiteit, de holocaust en de politieke situatie in Rusland en in Turkije. Het belangrijkste argument dat deze docenten aandragen voor het omzeilen van dergelijke discussies is de “toegenomen tegenstelling die wordt ervaren tussen westerse en niet-westerse normen en waarden.”

Blijkbaar zijn er docenten in Nederland die zich niet veilig voelen voor de klas. Bestaat er de angst voor onrust en ruzie als men zich negatief uitspreekt over de situatie in Turkije of Rusland. De omgang met terroristische aanslagen is ook een pijnpunt. Vele leraren zullen de dag na de aanslag in Londen, vandaag een week geleden, met het lood in de schoenen voor de klas hebben gestaan. Als je voor een klas staat met bijna alleen maar islamitische leerlingen bijvoorbeeld, maar ook als je voor een klas staat met slechts één islamitische leerling. Want hoe voorkom je stigmatisering, terwijl je een onderwerp wel bespreekbaar wilt maken? Hoe geef je iedereen de ruimte?

Photo credit: Cali4beach via Foter.com / CC BY

Duidelijk is dat veel docenten in Nederland een kloof ervaren tussen henzelf en leerlingen met een niet-westerse achtergrond; een culturele kloof die zij niet kunnen overbruggen. Hiermee gepaard gaat dat ruim veertig procent van de docenten in het middelbaar onderwijs segregatie, mislukte integratie en gebrek aan respect voor elkaars achtergrond signaleert.

Juist in het onderwijs, een plek waar kinderen van verschillende achtergronden als het ware gedwongen worden om met elkaar om te gaan, zou de dialoog opengebroken moeten worden. Over religie, over culturele normen en waarden én over de meer gevoelige onderwerpen. De grootste kans op mentaliteitsverandering zit hem immers bij de jeugd. Echter, dan moet daarin wel geïnvesteerd worden; een dergelijke verandering gebeurt vaak niet uit zichzelf.

Een mogelijk middel dat hierbij zou kunnen helpen is het verwerven van kennis over de culturele achtergrond van de leerlingen waarmee de grootste kloof ervaren wordt. Waar zitten de grootste culturele verschillen? Met wat voor gedachtegoed groeien zij op? Waar liggen hún interesses? Waar baseren zij hun meningen op? Op de Nederlandse lerarenopleidingen wordt bedroevend weinig aandacht besteed aan verschillende religies en culturele achtergronden, terwijl zij eenmaal voor de klas hier wel mee te maken krijgen. Dit is alleszins oneerlijk te noemen tegenover leraren.

Laat ik duidelijk zijn: ik pleit níet voor deze kennis om leraren nog beter om de hete brij te laten draaien. Het staat buiten kijf dat leerkrachten zich veilig zouden moeten voelen, dat er niet gejuicht wordt in klassen na een terroristische aanslag en dat de holocaust onderdeel is van het Nederlands curriculum. Wel geloof ik dat leraren gebaat zouden zijn bij meer begrip omtrent de gevoeligheden van hun leerlingen. Iemand begrijpen wil niet per definitie zeggen dat je iemands ideeën accepteert. Het kan echter wel bijdragen aan het langzaamaan openen van het dialoog in de klas.

 

Hoe ga je om met gevoelige onderwerpen? Hier alvast 5 tips om te beginnen:

Photo credit: LindaH via Foter.com / CC BY

 

  1. Ik zei het eerder het al: doe kennis op. Zorg dat je begrijpt waar de mogelijke weerstand bij je leerlingen vandaan komt en hoe je hierop kunt reageren. Kennis doe je bijvoorbeeld op door jezelf een beetje bij te scholen, of door een gerichte training te volgen.
  2. Ga in discussie, maar stel van tevoren duidelijke grenzen. Voorkom dat de discussie escaleert door gevoelige onderwerpen van tevoren goed af te bakenen. Wat voor jou als docent acceptabel is, is persoonlijk, maar maak dit van tevoren goed duidelijk aan je leerlingen. Zo heb je duidelijke richtlijnen waarmee je kunt ingrijpen als de discussie uit de hand loopt.
  3. Scholen: schuif niet alles af op de leraar maatschappijleer of levensbeschouwing! Het is een illusie dat gevoelige onderwerpen alleen op tafel komen bij de vakken waar ze ‘bijhoren’. Als er een staatsgreep of aanslag is gepleegd, gaan leerlingen niet rustig wachten tot hun maatschappijleerles van het zesde uur. Zorg dat alle leraren zich gesterkt voelen om dergelijke onderwerpen aan te snijden.
  4. Geef ruimte aan religie in je lessen. Zelf kan ik mij goed herinneren dat er bij geschiedenis op de middelbare school meer tijd werd besteed aan de gang naar Canossa (de wat? Precies ja) dan aan de islam. Tegenwoordig kom je daar als docent écht niet meer mee weg, zeker niet als je meerdere islamitische leerlingen in de klas hebt. Speel in op de behoefte van je leerlingen.
  5. Blijf gematigd. Discussies kunnen soms best fel worden, zonder dat ze uit de hand lopen. Zorg ervoor dat jij, de docent, niet de reden bent dat ze escaleren. Blijf gematigd en sta open voor de meningen van je leerlingen. Iedere scholier, van welke afkomst dan ook, zou het gevoel moeten hebben dat hij of zij vrijelijk voor zijn ideeën uit mag komen. Houdt hierbij natuurlijk altijd tip 2 in de gaten!

 

Deze blog is geïnspireerd door de publicatie “Een op de negen leraren vermijdt gevoelige onderwerpen” van de NOS. Citaten zijn ook uit dit artikel afkomstig. Om het hele artikel te lezen, klik hier

Visit Us On TwitterVisit Us On FacebookVisit Us On InstagramVisit Us On Linkedin