Soeni en Sjii | Wat is wat? Wie is wie? | een korte, versimpelde uitleg.

Soeni en Sjii | Wat is wat? Wie is wie? | een korte, versimpelde uitleg.

In nieuwsberichten en tv-items over de islam worden de termen “soennitisch” en “sjiiti vaak gebruikt. Voor lang niet  iedereen is duidelijk wat daarmee wordt bedoeld en wat het verschil is. De islam is versimpeld op te delen in twee hoofdstromingen: het soennisme en sjiisme.

Koran

De volgelingen worden soennieten en sjiieten genoemd. Beide groepen zijn volgelingen van de profeet Mohammed, die tussen ca. 570 en 632 leefde. De tweedeling tussen soennieten en sjiieten is ontstaan nadat Mohammed overleed en er opvolgers (kaliefen) voor het leiderschap van de moslimgemeenschap moesten worden aangewezen.

Over de eerste drie rechtmatige opvolgers (rechtgeleide kaliefen) van Mohammed zijn de meeste moslims het eens: Abu Bakr, Omar, Uthman en Ali. Toen de derde kalief, Uthman, werd vermoord, ontstond er echter een breuk in de islamitische gemeenschap. De neef en schoonzoon van Mohammed, Ali, werd door de islamitische gemeenschap gekozen als nieuwe kalief, maar daar was niet iedereen het mee eens. Dit is dan ook waar het verschil en de tweedeling tussen soennieten en sjiieten begint. Sjiieten zijn simpel gezegd volgelingen van Ali en zijn nakomelingen. Zij zien Ali als belangrijkste kalief na de dood van Mohammed. Volgens soennieten is deze hoge plaats voor Ali ten opzichte van de andere kaliefen onterecht. Ook vinden soennieten dat de kalief opvolging op basis van keuze vanuit de meerderheid van de islamitische bevolking hoort te liggen. Sjiieten vinden echter dat de kaliefen-lijn verder hoort te gaan met de zoons en nakomelingen van Ali.  Soennisme en sjiisme zijn dus ontstaan als gevolg van de de vraag wie het rechtmatige leiderschap over de islamitische gemeenschap heeft. Deze vraag heeft tot op de dag van vandaag invloed. De tijd heeft echter niet stilgestaan want beide stromingen kennen vandaag de dag veel verschillende vormen en aftakkingen. De meerderheid van de islamitische bevolking volgt een soennitische vorm van de islam.

De islam heeft vooral veel volgelingen in het Midden-Oosten, Turkije, Noord-Afrika en grote delen van Azië (Indonesië en India bijvoorbeeld). In de andere delen van de wereld wonen uiteraard ook moslims, maar daar vormen zij een kleine minderheid van de bevolking. Het grootste gedeelte van de islamitische bevolking beleid zijn of haar geloof in vrede en rust. In het nieuws wordt echter vaak gesproken over mensen die zichzelf identificeren als moslimgroep en die onder de vlag van “de islam” terreurdaden plegen en andere mensen (vaak ook islamitische mensen) onderdrukken. De Taliban, Al-Qaida, Islamitische Staat (IS) en het bewind van de Ayatollah in Iran zijn daar voorbeelden van. De Taliban (heersers in Pakistan en Afghanistan), Al-Qaida (de terreurgroep van Osama bin Laden) en IS rekenen zichzelf tot een vorm van de soennitische islam. De Ayatollah (hoogste leider) in Iran voert een bewind dat tot een sjiitische vorm van de islam wordt gerekend. Zowel het soennisme als het sjiisme kent dus groepen die andere mensen onderdrukken en terreurdaden plegen onder de vlag van hun geloof, maar deze groepen zijn uitzonderingen en niet de regel wanneer het gaat om geloofsuitingen in de islam.

Bron: Ira M. Lapidus, A History of Islamic Societies (Cambridge University Press, 2014)

Is een hoofddoek vrouwonvriendelijk?

Religiewetenschappers krijgen vaak de opmerking: maar de islam is toch vrouwonvriendelijk!

foto credit: fashionlady.in

Vaak verwacht men dan een bevestiging van dit statement, wat wij als religiewetenschappers simpelweg niet kunnen geven. De islam is namelijk erg veelzijdig en zeker niet vrouwonvriendelijker dan het christendom, jodendom, hindoeïsme of de seculiere wereld. Zo bestaat er islamitisch feminisme en zijn er zelfs hoogleraren gespecialiseerd in feminisme, gender en religie, zoals Anne-Marie Korte, Judith Plaskow en Saba Mahmood. Maar is de hoofddoek dan geen vorm van vrouwenonderdrukking? Is de hoofddoek niet vrouwonvriendelijk?

foto credit: the-best-islamic-clothing.com

Kort gezegd nee, tenminste, niet per definitie. Voor veel islamitische vrouwen is het een keuze om een hoofddoek (hijab) te dragen. Dit is voor hen een teken van een toewijding aan Allah, aan God. Een moslima vertelde mij onlangs dat ze het dragen van een hoofddoek aan niet-religieuzen vaak uitlegt aan de hand van het voorbeeld van een overtuiging die mensen makkelijker begrijpen: vegetarisme. Mensen stoppen met het eten van vlees omdat ze er van overtuigd zijn dat dit beter is voor de wereld, dat dit beter is voor dieren. Vegetarisme is een keuze en niet opgelegd. De vrouw die dit voorbeeld aan mij gaf vertelde mij dat zij na 26 jaar pas haar hoofddoek is gaan dragen, omdat zij het zelf wilde.

Tegelijkertijd zijn er wel degelijk vrouwen die gedwongen een hoofddoek moeten dragen. Veel vrouwen in Iran willen bijvoorbeeld geen hoofddoek dragen, maar zij kunnen simpelweg niet over straat zonder zichzelf te bedekken. Het is echter onterecht om te denken dat de hoofddoek het enige opgedrongen kledingstuk voor vrouwen is. In de westerse wereld bestaan er genoeg voorbeelden waaruit juist het dragen van minimalistische kleding (korte broekjes, niets verhullende lingerie, pakjes en bikini’s) wordt opgedrongen aan vrouwen door mannen. Zo is naaktheid een vereiste

Cartoon door Malcolm Evans

in de seksindustrie en de westerse mode moedigt het dragen van korte, strakke kleding vaak aan.

Daarnaast is het ook onterecht om te denken dat alleen vrouwen bepaalde kledingstukken krijgen opgedrongen. Zo moeten sommige joodse mannen keppeltjes dragen, zakenmannen behoren een donkerblauw of grijs pak te dragen met bruine nette schoenen en sommige islamitische mannen moeten een lang gewaad dragen.

Het opdringen van kledingstukken beperkt zich dus niet tot de islam en niet tot vrouwen. Doordat er vaak de nadruk wordt gelegd op het feit dat niet iedere vrouw kan kiezen of zij een hoofddoek draagt of niet, wordt er voorbijgegaan aan de vrouwen voor wie het een bewuste keuze is. De stem die vaak het minst wordt gehoord in de discussie over de hijab, is de stem van de vrouw zelf. Terwijl dit eigenlijk de enige stem is die er echt toe doet. 

 

  • Meer lezen over islamitisch feminisme, islam en gender of over het dragen van de hijab? Lees dan de artikelen en boeken van Saba Mahmood! Bijvoorbeeld Politics of Piety: The Islamic Revival and the Feminist Subject.
  • Ook leuk, het mediabedrijf ATTN: had onlangs een post over een meisje en haar verhaal over het dragen van de hijab. 

Op de barricades voor de paashaas

Het is weer bijna Pasen! Dat betekent paaseitjes, paashazen, paastakken, paasbroodjes, paasontbijtjes en … het paasverhaal?

Pasen hoort er voor veel Nederlanders bij, evenals Kerst en (vaak in mindere mate) Pinksteren. Dat het daarbij niet alleen draait om het feit dat het vrije dagen oplevert, blijkt wel uit de commotie die ontstaat op het moment dat men van de traditionele invulling van deze feestdagen afwijkt. De HEMA weet daar bijvoorbeeld alles van. Tegelijkertijd is het ook zo dat er eigenlijk weinig ‘traditioneels’ meer is aan onze invulling van deze feestdagen. Zondag schreef filosoof en columnist Ger Groot in Trouw:

Photo credit: Foter.com

“Met Pasen hebben al die hazen, eieren en stollen weinig te maken. De apostelen gingen na de Verrijzenis net zo min op zoek naar beschilderd scharrelmateriaal als de Heilige Jozef bij het betrekken van de stal eropuit trok om een kerstboom te verschalken.”

Naast dat Groot hier een ironisch en ietwat lachwekkend beeld schetst, legt hij hier ook een interessant fenomeen bloot. Er gebeuren in Nederland eigenlijk twee dingen tegelijkertijd. Aan de ene kant hechten veel Nederlanders nog heel veel waarde aan religieuze feestdagen, terwijl zij zelf niet religieus zijn. Je kunt in Nederland fel voorstander zijn van de scheiding van kerk en staat en tegelijkertijd heel veel waarde hechten aan Kerst. Daar kijkt niemand vreemd van op. Aan de andere kant hebben we door de jaren heen deze religieuze feestdagen een hele niet-religieuze invulling gegeven. Dat er geen kerstboom in het stalletje in Bethlehem stond, zal voor niemand echt een verrassing zijn. Toch ‘hoort het nu eenmaal erbij’. Binnen de sociologie van religie wordt dit cultural christianity genoemd: een culturele hechting aan het christendom, zonder dat de religie op zichzelf daarbij nu heel relevant is.

Allemaal leuk en aardig, maar waarom is dit erg, zult u zich wellicht afvragen? Welnu, erg is het inderdaad niet. Interessant is het echter wel. Wat ik hierboven uiteenzet heeft namelijk te maken met identiteit. Met onze persoonlijke identiteit, maar ook met identiteiten van groepen, organisaties, zelfs bevolkingsgroepen of landen. Neem bijvoorbeeld een bedrijf of school dat zichzelf een christelijke identiteit aanmeet. Er doen zich in zo’n geval belangrijke vragen voor die in verband staan met het bovenstaande. Hoe zien wij deze religieuze identiteit? Wat is daarvoor van essentieel belang en wat niet? Brengt het knutselen van paastakken de boodschap over die wij willen uitdragen? In hoeverre beroepen wij ons in ons identiteitsbeleid op een soort ‘folklore’?

Photo credit: Foter.com

Identiteiten zijn een mix van traditie, religie, cultuur en alles daar tussen in. Een identiteit lijkt een vaststaand gegeven, maar is tegelijkertijd verandert door allerlei invloeden. Ons advies? Blijf scherp en blijf kritisch. Hou je prioriteiten en overtuigingen als organisatie helder, maar wees niet bang voor verandering. Zalig Pasen!

Visit Us On TwitterVisit Us On FacebookVisit Us On InstagramVisit Us On Linkedin